Wetenschappelijke achtergronden en onderbouwing


Hart- en vaatziekten zijn doodsoorzaak nummer 1 wereldwijd en in Nederland verantwoordelijk voor ongeveer 38.000 sterftegevallen per jaar en €10 miljard aan zorgkosten (Bron: CBS). Te verwachten is dat deze last door vergrijzing van de bevolking in de komende decennia alleen maar toeneemt. Daarom is het van cruciaal belang om het risico op toekomstige cardiovasculaire incidenten en de mortaliteit van patiënten met hart- en vaatziekten te verminderen.

Het belang van hartrevalidatie

Hartrevalidatie is een multidisciplinaire interventie die zich richt op fysiek en psychosociaal herstel na een cardiaal event of interventie en het aannemen van een duurzaam gezonde leefstijl om de progressie van een bestaande hartziekte (met meestal atherosclerose als oorzaak) te verminderen. Multidisciplinaire hartrevalidatie heeft in een meta-analyse laten zien een mortaliteitsreductie van 35% te kunnen bewerkstelligen voor patiënten met verschillende uitingen van coronairlijden (1). Ook een grote cohort-studie met real-life data van patiënten met coronairlijden die wel of geen hartrevalidatie hebben gevolgd laat een mortaliteitsreductie van 35% zien na 4 jaar (2). Grote  systematische reviews en meta-analyses laten bovendien een afname zien van het aantal re-infarcten (+/-35%) en ziekenhuisopnamen (+/-20%) (1,3). Ook voor patiënten met andere cardiale diagnoses zoals bijvoorbeeld chronisch hartfalen, atriumfibrilleren en patiënten met een ICD (interne defibrillator) heeft hartrevalidatie gunstige effecten laten zien (4,5,6). Doordat deze gunstige effecten van hartrevalidatie zo onomstotelijk bewezen zijn wordt het in de richtlijnen van de Nederlandse vereniging voor Cardiologie aanbevolen voor patiënten met verschillende cardiale aandoeningen (7).

Wat houdt een hartrevalidatieprogramma in?

Bij alle patiënten die verwezen worden voor hartrevalidatie wordt op basis van de verwijsdiagnose, patiëntkarakteristieken en revalidatiedoelen op basis van de meest recente richtlijnen een revalidatieprogramma op maat gemaakt (8). Het revalidatieprogramma bestaat afhankelijk van de revalidatiedoelen uit een of meer van de volgende componenten: 1) educatieprogramma 2) ontspanningsmodule 3) stoppen-met-roken-programma 4) voedingsinterventie 5) psychologische begeleiding (op individueel of groepsniveau) en 6) een beweegprogramma. Het optimale herstel na een cardiovasculair incident in combinatie met het realiseren van een duurzame, gezonde gedragsverandering om het risico op toekomstige cardiale incidenten te verminderen vormen hierbij de basis van het hartrevalidatieprogramma.

Barrières in de hartrevalidatie

Ondanks de zeer gunstige effecten neemt in Nederland momenteel minder dan 30% van de geschikte patiënten daadwerkelijk deel aan hartrevalidatie (9). Met name ouderen, vrouwen en patiënten met een lagere sociaaleconomische status nemen vaak niet deel aan een hartrevalidatieprogramma (10). Hierbij spelen een gebrek aan ‘awareness’ bij zorgprofessionals en vaak ook patiënt-gerelateerde problemen een rol, zoals problemen met het organiseren van transport, tijdgebrek (bijvoorbeeld door werkverplichtingen of een rol als mantelzorger) en het niet willen deelnemen aan groepstrainingen (11). Bovendien is er in de tweede lijn simpelweg niet voldoende plek om iedereen die hiervoor in aanmerking komt een hartrevalidatiemodule aan te bieden. Daarnaast hebben meerdere studies laten zien dat in Nederland momenteel de hartrevalidatieprogramma’s onvoldoende gepersonaliseerd aangeboden kunnen worden (12,13). Facilitaire tekortkomingen door het grote aantal hartrevalidatiepatiënten zouden hier een zeer belangrijke rol in kunnen spelen (13).

Naast barrières voor deelname aan en het voltooien van een hartrevalidatieprogramma is de controle van risicofactoren en het aannemen van een gezonde leefstijl op de langere termijn nog verre van optimaal. Zo zien we dat een jaar na een cardiovasculair incident ruim de helft van de patiënten nog steeds fysiek inactief is, het de helft van de mensen niet lukt om te stoppen met roken, meer dan 50% centrale obesitas heeft en 80% de streefwaarde van het cholesterol niet haalt (14). Daarom zijn er in de hartrevalidatie nieuwe strategieën nodig om ervoor te zorgen dat we aan zoveel mogelijk mensen, zo goed mogelijke secundaire preventie kunnen bieden met als doel een duurzame gezonde leefstijl te ontwikkelen om het risico op toekomstige cardiovasculaire events te minimaliseren.

De rol van de Chronisch ZorgNet therapeut

Wij geloven dat Chronisch ZorgNet een belangrijke rol kan spelen in het verder optimaliseren van de hartrevalidatie en secundaire preventie van cardiovasculaire ziekten in Nederland. Een deel van de hartrevalidatieprogramma’s, voor patiënten met een laag cardiaal risico, kan worden aangeboden in de eerste lijn. Door beweegprogramma’s aan te bieden in de fysiotherapiepraktijk in de buurt van de eigen leefomgeving van de patiënt, kunnen we verschillende patiënt-gerelateerde problemen aanpakken. Hiermee voorkomen we namelijk lange reisafstanden en kunnen patiënten in de buurt van hun eigen vertrouwde leefomgeving behandeld worden. Bovendien leren patiënten al om een gezonde, actieve leefstijl aan te nemen in hun eigen omgeving zodat het wellicht makkelijker is om deze ook te behouden na het beëindigen van het revalidatieprogramma. Tot slot kunnen we ook de druk van de ziekenhuizen en revalidatiecentra verminderen zodat zij meer aandacht en tijd kunnen schenken aan de patiënten met meer ingewikkelde problematiek.