Ervaringen met het KomPas vanuit de praktijk

15 december 2020

Geschreven door Rosa Holtslag-Roelvink en Anneroos Sinnige

Rosa:

Als fysiotherapeut sta ik open voor vernieuwing. In het bijzonder wanneer dit zowel mij als zorgverlener als ook de patiënt iets kan opleveren; zinnige zorg. Na het doorlopen van de online KomPas-training ging ik twee weken geleden dan ook vol nieuwsgierigheid ‘officieel’ aan de slag met het KomPas. Het uiteindelijke doel van het KomPas is immers ondersteunen van de therapeut en optimaliseren van de behandeling voor de patiënt.

Tijdens een evaluatiemoment met meneer X, die ik al 3 maanden begeleid tijdens zijn loop- en leefstijltraject, heb ik het KomPas erbij gepakt. Ik zal meneer x eerst even introduceren:

Meneer X is 70 jaar en zijn loopafstand is beperkt. Naast etalagebenen heeft meneer X blijvende flexiebeperking in beide enkels door een ongeluk in zijn jeugd. Hierdoor heeft hij aangepast schoeisel. Ook heeft meneer een uitgebreide cardiale voorgeschiedenis, een waslijst aan medicatie en al 20 jaar diabetes type II. Loopafstand bij aanvang van de behandeling: functionele loopafstand (FLA) 160 meter en maximale loopafstand (MLA) 210 meter. Na 3 maanden doen we de gebruikelijke loopbandtest en de vragenlijsten. Resultaat: FLA: 200 meter, MLA: 310 meter. 

In mijn portfolio vul ik de gegevens in onder het kopje KomPas, en hop, er verschijnen vier grafieken in beeld. Meneer X blijkt t.a.v. de FLA minder vooruitgang te hebben geboekt dan zijn soortgenoten. Ik denk gelijk aan al zijn beperkingen die niet zijn meegenomen in de grafiek.

Tevens schiet er door mijn hoofd waarom de FLA en niet de MLA wordt laten zien binnen het KomPas. Dit lijkt mij een objectievere waarde. X kan namelijk zijn functionele loopafstand nauwelijks inschatten. Door deze gedachtes kom ik in het gesprek met X op het idee er aan te gaan werken om de FLA nu beter in kaart te gaan brengen voor meneer X. Meneer komt zelf met het plan een stappenteller te gaan gebruiken die hij toch nog had liggen (note: in week 3 bracht ik hem al op dit idee, maar dat moest blijkbaar nog even landen...). Meneer en ik bespreken om deze stappenteller een week actief te gaan gebruiken en de gegevens daarna samen door te nemen, om hier nieuwe wandeldoelen op af te stemmen. Door het gebruik van de stappenteller en de daarop volgende gesprekken heeft meneer meer inzicht (bewustzijn) gekregen in zijn eigen beweeggedrag. Dat dit namelijk wat te weinig is. Zo hebben we samen, na een twijfelachtige start, een effectieve draai kunnen geven aan het gebruik van het KomPas. Volgende keer ook maar eens inzoomen op de Vascu-Qol!

Anneroos:

Ik kreeg de vraag van Rosa waarom we de functionele loopafstand en niet de maximale loopafstand hebben gebruikt. Rosa was overigens niet de enige met deze vraag. De kritische vragen die ik krijg over het KomPas, maar ook de vele ideeën voor verbetering in de praktijk zijn ontzettend leuk om te lezen. Het is leuk om te zien dat het KomPas steeds meer wordt geïmplementeerd in de praktijk. En dat niet alleen, dat therapeuten er ook dusdanig bewust mee aan de slag gaan dat ze zelfs ideeën sturen om het KomPas verder te verbeteren. Hoewel Rosa in het begin dus wat sceptisch leek over gebruik van de functionele loopafstand voor deze specifieke patiënt, heeft het KomPas haar en meneer wel verder geholpen in de behandeling. Een super mooi voorbeeld dat het KomPas meer is dan alleen een voorspelling en een veel bredere toepassing heeft dan alleen het stellen van doelen.

Maar om antwoord te geven op de vraag waarom functionele en niet maximale loopafstand: we hebben hier lang over gediscussieerd en hadden eerst zelfs de maximale loopafstand. Wij waren tot de conclusie gekomen dat juist de functionele loopafstand beter toepasbaar was in de praktijk. Met name bij het stellen van doelen. Bij een maximale loopafstand kan het natuurlijk zijn dat de patiënt met zoveel pijn loopt dat hij dit in het dagelijks leven niet zou doen. Dus hoe maak je daar dan een doel van? Vandaar dat we zijn gekomen op de functionele loopafstand. (‘We’ zijn in deze context overigens niet alleen de onderzoekers en projectmedewerkers achter de schermen bij Chronisch ZorgNet, maar ook therapeuten met ervaring in de behandeling van patiënten met etalagebenen).

Tip: Print de grafieken uit en teken zelf de maximale loopafstand erin, en maak een lijn tussen de verschillende meetmomenten. Dan maak je ook visueel hoe de maximale loopafstand vooruit is gegaan.

Blijf op de hoogte van al onze updates en blogs via LinkedIn.

Terug naar overzicht