6 Minuten Wandeltest


In deze meetinstructie vind je het parcours, de test-uitvoering en de interpretatie van de meetgegevens horende bij de 6 Minuten Wandeltest (6MWT). Deze meetinstructie is gebaseerd op de standaard van het ATS protocol, en volgt hiermee de aanbevelingen van meetinstrumentenzorg.nl en de KNGF richtlijn COPD (1).

Parcours

De 6MWT wordt binnen afgenomen op een 10m parcours. Zet het parcours uit zoals getoond in onderstaande afbeelding. Doordat de patiënt om de pylon loopt, wordt 10m afgelegd.


Afbeelding 1: Parcoursmaten 6MWT (bron: Beekman – webinar)

Test-uitvoering

Tijdens de test moedig je de patiënt aan volgens standaard zinnen. Deze zinnen vind je verderop in deze instructie. Praat tijdens de test met dezelfde intonatie, loop niet met de patiënt mee. En, de patiënt mag niet praten tijdens de test. Een eventuele zuurstoftank kan door de patiënt meegenomen worden met behulp van een rollator of schoudertas.

Tijdens deze test meet je:

  • de totaal gelopen afstand
  • saturatie vooraf en achteraf
  • hartslag vooraf en achteraf
  • Borgscore dyspneu (0-10) en vermoeidheid (0-10)

Na afloop van de test vul je deze gegevens in jouw EPD systeem in.

Vooraf aan de test

Zeg vooraf: “Bij deze test moet je proberen een zo groot mogelijke afstand af te leggen in zes minuten. Je moet daarbij heen en weer lopen in deze gang. Zes minuten is een lange tijd om te lopen, dat vraagt dus een inspanning. Misschien raak je buiten adem of raak je uitgeput. Je mag langzamer gaan lopen of stoppen en rusten indien dit nodig is. Je mag ook even tegen de muur leunen, maar je moet weer gaan lopen zo snel als dit weer mogelijk is. Nogmaals, de bedoeling van deze test is om zo ver mogelijk te lopen in zes minuten, maar niet gaan joggen of rennen.”

Tijdens de test

Na 1 minuut: “Je gaat goed. Nog vijf minuten te gaan.”
Na 2 minuten: “Blijf zo door gaan. Nog vier minuten te gaan.”
Na 3 minuten: “Je gaat goed. Je bent al halverwege de test.”
Na 4 minuten: “Blijf zo doorgaan. Nog maar twee minuten te gaan.”
Na 5 minuten: “Je gaat goed. Nog één minuut te gaan.”
Na 5:45 minuten: “Over enkele seconden zeg ik dat je mag stoppen. Wanneer ik dat roep, stop je waar je op dat moment bent en ik kom naar je toe.”
Na 6 minuten: “Stop

  • Loop naar de patiënt toe en markeer het punt waar hij is gestopt en meet dit op.
  • Meet de saturatie en hartslag met pulsoximeter
  • Vraag naar de Borgscore Dyspneu (0-10) en Vermoeidheid (0-10)

Interpreteren van de meetgegevens

De resultaten van de 6MWT worden vergeleken met normwaarden (voorspelde afstand). Deze normwaarden zijn gebaseerd op gezonde volwassenen tussen de 40 en 90 jaar. Formules voor specifieke patiëntengroepen zijn niet beschikbaar.

De KNGF Richtlijn COPD geeft aan dat 70% van de norm als afwijkend wordt gezien voor een COPD patiënt. Dit laat zien dat de COPD patiënt een beperkte fysieke capaciteit heeft. Door gerichte trainingsinterventies wordt geprobeerd deze fysieke capaciteit te verbeteren. Het geeft dus inzicht voor het opstellen van behandeldoelen en interventies.

Uitrekenen voorspelde afstand

Voor het uitrekenen van de voorspelde afstand zijn geslacht, leeftijd, lengte en gewicht nodig. Met onderstaande formules kun je de voorspelde afstand uitrekenen. Veel EPD systemen hebben dit al ingebouwd, je kunt het ook zelf uitrekenen door gebruik te maken van de Rekenhulp 6MWT . Door de totaal gelopen afstand te vergelijken met de voorspelde afstand kun je een inschatting maken van de fysieke capaciteit.

Formules (2)

Voorspelde afstand (man) = 1266 − (7.80*age) − (5.92*BMI)
Voorspelde afstand (vrouw) = 1064 − (5.28*age) − (6.55*BMI)

Bronnen

  1. KNGF Richtlijn COPD 2020: .
  2. Beekman, Emmylou, et al. "The first reference equations for the 6-minute walk distance over a 10 m course." Thorax 69.9 (2014): 867-868